Overslaan en naar de inhoud gaan

DNA-onderzoek ongeboren kind

Soms kan er tijdens de zwangerschap DNA-onderzoek van je baby worden gedaan. Dit heet prenatale diagnostiek of prenataal onderzoek. Prenataal betekent ‘voor de geboorte’. Diagnostiek wil zeggen dat je probeert om een ziekte op te sporen.

Met dit soort onderzoek kan gekeken worden of je baby een ziekte of afwijking in de chromosomen heeft. Dat gebeurt alleen als er een reden voor is, bijvoorbeeld als er bij prenatale screening aanwijzingen zijn dat je baby misschien een aandoening heeft. Je hebt bijvoorbeeld een afwijkende uitslag gehad bij de NIPT. Of er is iets bijzonders gezien op de echo. Ook kunnen er nog andere redenen voor dit onderzoek zijn. Daarover vertellen we hieronder meer.

Een uitgebreide echo (uitgebreid echoscopisch onderzoek of GUO) is ook een vorm van prenatale diagnostiek, maar daarbij wordt niet gekeken naar het DNA van de baby.

Prenataal DNA-onderzoek gebeurt in een centrum voor prenatale diagnostiek.

Andere redenen

Er kunnen ook andere redenen zijn voor prenataal DNA-onderzoek, bijvoorbeeld als je weet dat er een erfelijke ziekte in de familie zit. Je bent (of je partner is) bijvoorbeeld eerder zwanger geweest van een kind met een erfelijke aandoening. Of jullie zijn drager van een erfelijke aandoening.

Om DNA-onderzoek te kunnen doen, is het wel nodig dat de erfelijke aanleg voor de ziekte in het DNA aan te tonen is. Of dat de afwijking in de chromosomen te vinden is.

Zelf besluiten

Kom je in aanmerking voor prenatale diagnostiek? Dan besluit je zelf of je dit wilt of niet. Je bent nooit verplicht om het te doen.

Je kunt hulp bij de keuze krijgen van een zorgverlener, zoals een verloskundige, gynaecoloog, huisarts of erfelijkheidsarts. Het verschilt per ziekenhuis met welke zorgverlener je kunt overleggen.

Een verloskundige of huisarts kan je verwijzen naar een centrum voor prenatale diagnostiek bij jou in de regio.

Soorten DNA-onderzoek

Er zijn twee vormen van DNA-onderzoek voor je ongeboren baby:

Het DNA wordt onderzocht in het laboratorium. Hiervoor gebruiken ze dezelfde technieken als wanneer je DNA laat onderzoeken na de geboorte.

Uitslag prenatale diagnostiek

Als de uitslag is dat je kind de ziekte of chromosoomafwijking niet heeft, zal dat je geruststellen. Blijkt uit het onderzoek dat je kind een ernstige aandoening heeft? Dan kunnen jullie voor de keuze komen te staan of jullie de zwangerschap willen stoppen of niet.

Gaat het om een aandoening waarbij het kind al bij de geboorte ziek is? Dan gebeurt prenatale diagnostiek soms omdat de ouders (en de artsen) zich zo goed mogelijk willen voorbereiden.

Lees hier waarom Lin, Sharon en Arianne hun ongeboren kind lieten onderzoeken.

Nadenken over prenatale diagnostiek

Wil je wel of geen onderzoek laten doen bij je ongeboren baby? Je kunt daar vragen of twijfels over hebben. Soms denk jij er anders over dan je partner. Hoe kom je daar dan uit? Misschien wil je erover praten met iemand die stellen begeleidt bij prenatale diagnostiek. Dan kun je je door de erfelijkheidsarts laten verwijzen naar de maatschappelijk werker of psycholoog van de afdeling klinische genetica.

Geen ivf

Als je voor prenatale diagnostiek kiest, hoef je niet via ivf zwanger te worden. Dat is wel zo bij embryoselectie (PGT).

Kleine kans op miskraam

Er is een kleine kans dat prenataal onderzoek zorgt voor een late miskraam. Dat is een miskraam na vier maanden zwangerschap of later. Dit gebeurt bij ongeveer 2 van de 1000 vrouwen die zo’n test laten doen.

Maar ook zonder onderzoek is er bij elke zwangerschap een kans dat je een miskraam krijgt. Een miskraam na een vlokkentest of vruchtwaterpunctie kan dus ook vanzelf zijn ontstaan.

Grote zekerheid

De vlokkentest en vruchtwaterpunctie zijn betrouwbaar.

Voor de vlokkentest geldt dat bij 98 tot 99 van de 100 vrouwen kan worden vastgesteld of het kind een bepaalde ziekte of chromosoomafwijking heeft. Bij een vruchtwaterpunctie lukt dat bij 99,8 van de 100 vrouwen.

Kind heeft iets anders

Soms heeft het kind niet de ziekte waar onderzoek naar werd gedaan, maar wel iets anders. Wat dit dan voor jouw kind betekent, is niet altijd duidelijk. Als je kind een aandoening of ziekte heeft, weet de arts niet altijd hoe ernstig dat zal zijn.

Geen zekerheid gezond kind

Als je kind niet de afwijking of ziekte heeft waar onderzoek naar is gedaan, wil dat nog niet zeggen dat het gezond is. Er is altijd een kleine kans dat je kind een andere ziekte of aandoening heeft.

Wat kan de uitslag zijn?

Als je prenataal onderzoek laat doen, weet je van tevoren niet wat de uitslag zal zijn. Het kan spannend zijn om te wachten op deze uitslag.

Als je een goede uitslag krijgt, dan heeft jullie kind de ziekte niet.

Je kunt ook een onduidelijke uitslag krijgen. Dan is er een afwijking gevonden, maar is er niet bekend wat voor gevolgen die afwijking zal hebben voor jullie kind.

Ook kun je een slechte uitslag hebben. Dan heeft jullie kind de aandoening wel. In dat geval kunnen jullie voor een moeilijk besluit komen te staan: wil je de zwangerschap stoppen of niet? Sommige mensen willen niet voor deze keuze komen te staan en besluiten daarom om geen prenatale diagnostiek te doen. Het is belangrijk dat je een keuze maakt die bij je past. De artsen kunnen je hierbij helpen.

Zwangerschap houden of stoppen

Soms weten mensen pas na de uitslag of ze de zwangerschap willen stoppen of niet. Jullie kunnen in het ziekenhuis begeleiding krijgen om je bij deze keuze te helpen. Mensen die besluiten verder te gaan met de zwangerschap, kunnen zich voorbereiden op een kind met een aandoening.

Bij sommige aandoeningen zullen ook artsen zich voorbereiden, bijvoorbeeld op de medische zorg voor het kind na de bevalling.

Heb je een vraag? erfolijnaterfocentrum.nl (subject: Vraag, body: Mail%20ons%20uw%20vraag%3B%20binnen%205%20werkdagen%20ontvangt%20u%20een%20antwoord.%20%0A%0AMijn%20vraag%20is%3A%20%0A) (Mail) ons.

Updatedatum: 26 oktober 2026

Beeld: PeopleImages/Shutterstock