Overslaan en naar de inhoud gaan

Ventrikelfibrilleren

Bij ventrikelfibrilleren (VF) kunnen de kamers van het hart (ventrikels) niet meer op de goede manier samentrekken. Kleine elektrische prikkels zorgen ervoor dat het hart kan kloppen. Maar bij VF krijgen de kamers te veel prikkels. Dat zorgt voor een erge hartritmestoornis.  Meestal komt dit, omdat het hart te weinig zuurstof krijgt door een hartinfarct. Soms is de oorzaak een erfelijke ziekte van het hart. Bij sommige mensen komt het omdat de kransslagaders voor een deel dicht zitten. Soms is er nog een andere oorzaak of weten ze de oorzaak niet.

De klachten van ventrikelfibrilleren kunnen van persoon tot persoon verschillen. Bij VF kan het hart het bloed niet meer door het lichaam pompen, omdat de kamers van het hart niet meer op de goede manier samentrekken. Mensen krijgen dan een hartstilstand. Dat kun je merken, omdat iemand dan meestal plotseling naar wordt en bewusteloos raakt. Iemand kan overlijden als hij of zij dan niet meteen gereanimeerd wordt.

Soms hebben mensen al klachten in de tijd voordat ze een hartstilstand krijgen. Ze hebben bijvoorbeeld pijn op de borst en/of hartkloppingen, zijn duizelig of benauwd. Iemand kan ook erg moe zijn en vocht vasthouden.

Heb je een vraag? erfolijnaterfocentrum.nl (subject: Vraag, body: Mail%20ons%20uw%20vraag%3B%20binnen%205%20werkdagen%20ontvangt%20u%20een%20antwoord.%20%0A%0AMijn%20vraag%20is%3A%20%0A) (Mail) ons.

ALLES SLUITEN
    • Andere namen voor deze ziekte

      Kamerfibrilleren
      Ventricular fibrillation
      VF

    • Hoe wordt deze ziekte vastgesteld?

      Een cardioloog kan vaststellen dat het bij iemand om VF gaat door een hartfilmpje te maken. Een cardioloog kan daarvoor ook een holteronderzoek, een inspanningstest of een test met een medicijn doen. Met een echo, MRI of CT-scan kunnen dokters naar de vorm van het hart kijken. Ook kunnen ze dan zien of er littekenweefsel in het hart zit. Dokters kunnen met een hartkatheterisatie zien of er iets aan de hand met de kransslagaders.

      Dokters kunnen met DNA-onderzoek soms bepalen of er een erfelijke oorzaak is voor VF.

    • Is er behandeling voor deze ziekte?

      Ventrikelfibrilleren gaat niet vanzelf over. Door het hart met een defibrillator (AED) een elektrische schok te geven, kan het hart weer goed gaan kloppen. 
      Daarna proberen dokters met een behandeling te zorgen dat er geen VF meer ontstaat. Bijvoorbeeld met medicijnen, door met een operatie een ICD te plaatsen of een ablatie te doen. Als de kransslagaders voor een deel dicht zitten, kan er een dotterbehandeling of stentbehandeling worden gedaan. Of kan iemand kan een bypassoperatie krijgen.

    • Hoe vaak komt het voor?

      We weten niet hoe vaak het in Nederland voorkomt.

    • Wat is de oorzaak van deze ziekte?

      Meestal ontstaat ventrikelfibrilleren omdat het hart te weinig zuurstof krijgt bij een hartinfarct. Soms is er een andere oorzaak.

      Soms is de oorzaak van VF een erfelijke ziekte van het hart, zoals Brugada syndroom,  CPVT of lange QT syndroom (LQTS).

      Soms weten we (nog) niet waarom iemand ventrikelfibrilleren krijgt.

    • Is deze ziekte erfelijk?

      Ja, ventrikelfibrilleren is soms erfelijk. De oorzaak van VF is soms een erfelijke ziekte van het hart.

      Als VF komt door een erfelijke ziekte van het hart kan iemand de ziekte meestal erven als één van de ouders de afwijking in het gen heeft. Dit heet autosomaal dominant erfelijk.

      Meestal is VF niet erfelijk. Dan ontstaat het, omdat het hart te weinig zuurstof krijgt bij een hartinfarct. Soms is er een andere oorzaak.

      Bij enkele mensen weten dokters (nog) niet waarom ze ventrikelfibrilleren krijgen.

    • Kinderwens

      Heb je kans op (nog) een kind met een erfelijke vorm van VF en wil je een kind? Dan heb je misschien verschillende keuzes. Je kunt dat bespreken met je dokter. Als het nodig is, kan hij of zij je verwijzen naar een erfelijkheidsarts. Een erfelijkheidsarts kan informatie op maat geven. Het gesprek over de verschillende keuzes kun je voorbereiden.

      Wil je misschien embryoselectie (PGT) laten doen? Dan kun je dat met een gynaecoloog of erfelijkheidsarts bespreken. Deze arts kan je misschien verwijzen naar PGT Nederland. De artsen van PGT Nederland kunnen je vertellen of PGT mogelijk is.

      Vrouwen met VF die zwanger willen worden, kunnen dit met hun cardioloog bespreken. Deze arts kan ingaan op de risico's die er tijdens een zwangerschap kunnen zijn.
      Meer informatie vind je in het informatieblad Hartziekten en kinderwens van ZwangerWijzer.

    • Expertisecentra
      • Expertisecentra speciaal voor deze aandoening:
      • Expertisecentra voor vormen van deze aandoening:
      • Geen expertisecentra gevonden voor vormen van deze aandoening.
      • Expertisecentra voor de groep van aandoeningen waar deze aandoening ook bij hoort:
    • Updatedatum

      7 januari 2026